Kringactiviteiten

Verhalen in de klas, liedjes, taaloefeningen en nog veel meer!

 

Kees de Muis verhalen lezen in de klas

Kees de Muis zoekt een huis

Prentenboek 
Tijdsduur: 3,5-5 minuten

Thema’s: vriendschap, huizen (vorm, materiaal, veiligheid)

 

Kees de Muis zoekt een huis in Zandvoort

Hetzelfde prentenboek, maar deze speelt zich af aan zee. 
Tijdsduur: 3,5-5 minuten

Thema’s: vriendschap, huizen (vorm, materiaal, veiligheid)

Muziek: liedje over Kees de Muis zoekt een huis

Lied: ‘Kees de Muis lag in de regen’

Tekst & zang: Peter van Gestel

Kringactiviteit: woordweb maken

Maak samen een woordweb op het bord van woorden die horen bij het thema ‘onderdak’. Benoem bijvoorbeeld onderdelen die ieder huis heeft:
• De buitenkant: muren, dak, ramen, deur, deurbel
• De binnenkant: keuken, badkamer, kelder, zolder etc.
• De meubels in elke kamer.
• Wat doe je in huis (slapen, televisie kijken, eten, drinken, douchen)
• Kenmerken van huizen in de omgeving

Gedichten om voor te lezen, o.a. van Annie M.G. Schmidt

Taaloefeningen

Goed/foutzinnen, raadsels, rijmen, hakken/plakken: leuke oefeningen voor even tussendoor. 

Kringactiviteit: waar woon ik? 

Laat de kinderen een foto meenemen van hun huis. Maak een ‘dorp’ door alle foto’s van huizen aan een paar waslijnen te hangen of op het prikbord te prikken.
Je moet alles weer makkelijk kunnen loshalen en hergroeperen. Want je kunt nu de foto’s steeds anders groeperen.
Bijvoorbeeld: wie woont in een nieuw huis; wie woont in een oud huis; welk huis is het oudst; welke het nieuwst; waar zie je dat aan?
Hang alle flats bij elkaar, alle huizen met een puntdak, alle rijtjes-huizen, boerderijen, alle huizen in dezelfde kleur etc.

Kringactiviteit: hoe wonen wij? 

Probeer met de kinderen te bedenken in wat voor huizen zij wonen, bijvoorbeeld: rijtjeshuis, boerderij, flat, vrijstaand huis, villa, twee-onder-een-kap, caravan, etc. 

Plak afbeeldingen van deze gebouwen op een groot vel en ga tellen hoeveel kinderen in deze huizen wonen. 
Maak er een mooi staafdiagram van, zie foto. 

Kringactiviteit: voorwerpen uit ons huis verzamelen en kimspel

Verzamel een 15-tal voorwerpen uit de verschillende kamers van het huis. Bijvoorbeeld: badkamer, tandenborstel, tandpasta; keuken, pollepel, pannetje, bord; hal, paraplu, sjaal; woonkamer, kussentje, schemerlampje; slaapkamer, pyjama, beddengoed; toilet, zeepje, wc-papier; schuur, tuingereedschap, fietspomp
Praat met de kinderen over de verschillende kamers in huis. Laat de kinderen vertellen over hun eigen huis.
Welke kamers heeft hun huis; hebben ze thuis een zolder of kelder; heeft ieder huis dezelfde en evenveel kamers; welke kamers moet een huis per se hebben?
Leg alle voorwerpen die je verzameld hebt op tafel of laat de kinderen ze één voor één uit een tas halen. Wat is het? In welke kamer hoort het volgens jou thuis?

Kimspel (met maximaal 10 voorwerpen):
Een kind gaat uit de klas, haal een voorwerp weg, het kind komt terug en raadt welk voorwerp (welke voorwerpen) ontbreekt/ontbreken.

My New Stories

Berries blog | Kees de Muis
Speelhoek Zandvoort | Kees de Muis
Groeten uit Zandvoort | Kees de Muis